Progressive versus Interlace opname

uit: Zaanario, JAARGANG 38, EDITIE 1

 

Je hebt waarschijnlijk een wildgroei van nummers- 1080p, 1080i, 720p en 24p, 25p 30p, 60p en 60i -op televisies en camera's gezien, vaak op een glanzende zilveren of gouden sticker. Deze nummers zijn vaag over de videokwaliteit, maar de exacte betekenis van deze nummers zijn begrijpelijkerwijs duister. Zelfs voor professionals kunnen ze meer dan een beetje verwarrend zijn!

De eerste drie/vier cijfers verwijzen naar het aantal lijnen op een sensor of scherm. De tweede serie cijfers verwijzen naar het aantal frames per seconde waarmee een video-opname is opgeslagen of afgespeeld. De letters i en p staan voor interlaced en progressief, de belangrijkste manieren waarop videobeelden worden opgebouwd.

Deze drie technologieën, het aantal lijnen, het aantal frames per seconde, en de manier waarop de beelden worden opgenomen en weergegeven, zijn de belangrijke factoren bij het bepalen van de resolutie en de kwaliteit van uw videobeeld.

Deze tutorial gaat over: Interlaced en progressive methoden om videobeelden te creëren. Dit zijn de twee keuzes voor het opnemen en weergeven van video-opnames, elk met hun sterke en zwakke punten. Deze tutorial zal helpen bij het kiezen en het gebruik de meest geschikte methode.

Progressive Video Recording and Playback Progressive video opnemen en afspelen

Laten we een stap terug naar de dagen van de ouderwetse bioscoop film. Met een filmcamera, wordt beweging gecreëerd door een stilstaande beelden kort na elkaar te tonen. Het ene beeld na het andere in snelle opeenvolging. Dit creëert de illusie van beweging uit stilstaande beelden, net als een flip-boek. Dit is een progressive set van beelden of frames. In de digitale wereld werkt het maken van progressive video op vrijwel dezelfde manier: digitale foto na digitale foto; 24 per seconde in de traditionele bioscoop film, oplopend tot 25, 50 en ga zo maar door. Hoe hoger de framesnelheid, hoe vloeiender de illusie van beweging. Maar waarom interlaced uitvinden? Was progressief niet goed genoeg?

Interlaced Video opnemen en afspelen

Nou ja, en nee. Interlaced heeft zijn wortels in de omroep. Televisieomroep­organisaties hadden behoefte aan een manier om voldoende goede videobeelden met zo weinig mogelijk bandbreedte op uw scherm te persen. Interlacing was het antwoord.

Veronderstel de film zoals eerder beschreven. Neem nueen gum en gum afwisselend lijnen in elk frame uit. Interlaced Video opnemen en afspelen

Oneven frames de ene helft van het beeld, even frames blanco andere. Hoewel de ogen alleen een halve afbeelding zien, stellen je hersenen elke keer een heel beeld samen. Een voorbeeld van hoe interlaced beelden werken:

Met vaste bandbreedte en een hoge refresh rate (50i, bijvoorbeeld, dat is 50 interlaced beelden per seconde), leverde interlaced video een hogere ruimtelijke resolutie dan progressive opnametransmissie kon bieden. Gemaakt om met een betere kwaliteit te kijken naar televisie uitzendingen.

Aangezien de halve interlaced beelden sneller worden verwerkt dan een progressive opname, is er minder tijd is voor het onderwerp om zich te verplaatsen binnen de tijd van vastlegging. Dus kan de beweging scherper en duidelijker zijn. Het vastleggen van een hele afbeelding bij de traditionele 24 frames per seconde, kan het onderwerp binnen dezelfde vastleggingstijd doen bewegen, wat resulteert in enige vervaging. Hetzelfde als je zou zien bij het maken van een foto met langere sluitertijd.

                                                                                                                       

Dus wat is beter?

Door de snelheid waarmee beelden worden opgenomen en afgespeeld, ben je je niet bewust van progressive of interlaced. Het menselijk oog kan het niet bijbenen en de actie moet vloeiend lijken ongeacht het gebruikte systeem. Echter, de uiteindelijke resultaten kunnen een tamelijk ander beeld geven van de productie.

Onze 'stills' analogie hiervoor houdt niet helemaal stand omdat we het nu over digitale sampling hebben. En als we ‘stills’ zeggen, bedoelen we eigenlijk complete beelden. Data nemen ruimte en tijd om te worden gecodeerd en gedecodeerd, slechts milliseconden maar dat eist zijn tol van geheugen- en verwerkingssnelheid.

Computer monitoren tonen video in progressive, het ene frame na het andere. Dus als je een interlaced opname afspeelt op een progressive scherm, kunnen beeldverschuivingen plaatsvinden waardoor rare lijnen zichtbaar kunnen geworden. Met name met snelle

beweging wanneer de progressive weergave pogingen doet om mee te gaan met de interlaced beelden.

Stel je twee films voor, de een progressive en de ander interlaced. Speel de progressive op een traditionele TV die interlaced encoding gebruikt en het systeem zal redelijk goed functioneren. Niemand zal merken dat het beeld nuprogressive scan interlaced wordt afgespeeld. Maar neem nu de interlaced video en speel die af op een computer-monitor of een moderne HDTV die gebruik maakt van progressive scan. Dan worden de problemen zichtbaar. Het halve beeld is niet beschikbaar waardoor het systeem progressive beelden'stills' probeert te maken. Nu worden de ontbrekende lijnen zichtbaar, in het bijzonder bij snelle bewegingen.

Welke methode te gebruiken in Filmen

Als je een methode moet/kan kiezen zou het progressive moeten zijn. Computer monitoren en moderne HD TV’s spelen progressive af. Ondanks de aan­trekkingskracht van snellere interlaced frame rates, krijg je steeds alleen maar de helft van de gegevens op het scherm, zelfs wanneer de opname wordt weergegeven op een interlaced systeem.

Neem voornamelijk op in Progressive.

Ongeacht de HD grootte, de frame rate voor de meeste films was (en is) 25 progressieve frames per seconde. We zijn er aan gewend, herkennen dat (op een onbewust niveau) en als filmmakers kunnen we profiteren van deze onbewuste verwachting. Terwijl de hogere framerates, geassocieerd met interlaced video, verleidelijk kunnen zijn, geven ze je een hardere look, terwijl de kleine beweging binnen elk 25p-opname warmte kan toevoegen aan het onderwerp welke ontnomen wordt bij scherpe interlaced of progressive met hogere framespeed.

De uitzondering op deze aanbeveling is, als het project overwegend gaat over iets dat snel beweegt, b.v. een sportwedstrijd of vliegende objecten. Progressive opname kan nog steeds de juiste keuze zijn, maar mogelijk krijg je met 50i de vloeiende bewegingen die je zoekt. Het is de moeite waard zelf een test te doen om een gevoel te krijgen voor het verschil tussen de twee.

Welke methode je ook kiest, houd hieraan vast tijdens de hele productie. Als je interlaced gefilmd hebt, bewerk, maak en speel af interlaced. Doe hetzelfde als je progressive gefilmd hebt, houd het bij progressive